Zuid-Amerika

Zuid-Amerika is goed voor bijna de helft van de koffie wereldwijd. Zij exporteren koffiesoorten die ideaal zijn voor melanges. Een deel van hun oogst – datgene dat niet voldoet aan de smaakverwachtingen van de afnemers - is voor eigen gebruik. 

Brazilië

Brazilië is de grootste producent op de koffiemarkt. Hier groeien ongeveer 4 miljoen koffieplanten, 75% van de oogst is afkomstig van kleine koffieboeren.

Op de internationale koffiemarkt heb je drie soorten Braziliaanse koffie, die meestal gewassen en zongedroogd is: ‘Brazils’, ‘Milds’ en ‘other Arabics’

Brazilië is ook de grootste leverancier van robustabonen van standaardkwaliteit zoals je die vindt in onze supermarkten. Braziliaanse robusta wordt verkocht onder de naam ‘Conillon’ en vormt ongeveer 15 % van de gehele koffieproductie.

Columbia

Columbia is de grootste producent van arabicabonen en ’s werelds grootste exporteur van gewassen ongebrande koffie. De koffieplantages bevinden zich in de uitlopers van het Andesgebergte.

De belangrijkste plantages zijn te vinden bij Medellín, Armenia en Manizales, samen bekend onder de naam MAM. Maar ook in Bogotá en nabij Bucaramanga zijn er koffieplantages die uitstekende koffie leveren.

Colombiaanse koffie is mild en evenwichtig van smaak. Van Colombiaanse koffie zegt men vaak dat hij ‘fluweelzacht’ is. De koffiebonen worden meestal gemengd in koffiemelanges, maar ze zijn ook puur verkrijgbaar.

Venenzuela

De beste koffiestreek in Venezuela is de deelstaat Táchiran in het zuidwesten van het land. De beste Venezolaanse koffies zijn de Montebello uit San Christóbal (Táchira), de Mirama uit Rubio (Táchira), de Granjia uit Timote (Mérida) en de Ala Granjia uit Santa Anna (Táchira).

Echte kwaliteitskoffiebonen komen uit Maracaibo, Mérida, Trujillo, La Filomena en Cúcuta.

Venezolaanse koffie is uniek qua smaak. Hij is licht en verfijnd met een lichtzure toets. Daarom zijn de koffiebonen zowel geschikt voor melanges maar ook puur lekker.