Azië

Als we kijken naar de smaak, dan zijn deze bonen de tegenhanger van de Latijns-Amerikaanse koffiesoorten. De bonen zijn doorgaans zacht, hebben een vol body, een aardse smaak en vaak ook een lichte kruidige toets.

India

Koffie uit India is met name bekend wegens zijn speciale bereidingsproces, het ‘Monsooing’: de geoogste bonen worden minstens zes weken blootgesteld aan wind en moessonregen. De pure arabicabonen Mysore en Malabar zijn tegelijkertijd pittig, licht, kruidig en hebben iets zurigs.

Hoogwaardige koffiebonen wordt niet alleen geteeld in de deelstaat Karnataka, ook Tellichery en Malabar in de deelstaat Kerala en Nilgeris in de zuidoostelijke deelstaat Tamil Nadu hebben uitstekende koffieplantages, net zoals het zuidwesten van het land.

Indiase koffie is zacht en kruidig van smaak en heeft een krachtige body.

Papoea-Nieuw-Guinea

Zowat alle koffieplantages in Papoea-Nieuw-Guinea bevinden zich op 1300 à 1800 meter boven de zeespiegel. De plantages zijn vrij kleinschalig en liggen vaak diep verscholen in de bossen.

Deze koffiesoorten zijn de ‘zwaargewichten’ in de koffiewereld. In koffiemelanges zorgen ze voor een indringende, diepe smaak met een lange afdronk.